Afrika is een beschadigd continent vanwege westerse inmenging. Maar het is ook een krachtig continent met enorme potentie. Laat het Westen de bloei van het continent faciliteren, op basis van een gelijkwaardige relatie.
Al lange tijd proberen wij onze koloniale geschiedenis te resetten met ‘ontwikkelingshulp’ als paracetamol voor de colonial hangover: alle negatieve gevolgen van het koloniale verleden van Afrika, zoals armoede, corruptie en oorlog. Ontwikkelingshulp is daarom een ingewikkeld fenomeen, waarbij iedereen het beter weet. Want je kunt het destructieve verleden er niet mee uitwissen en je wilt het kolonialisme met ontwikkelingshulp ook niet herintroduceren, door Afrika te vertellen wat goed voor het continent en de mensen daar is. Overheidssteun, hulp, handel, microkrediet: het is allemaal geprobeerd en vaak maar zeer beperkt geslaagd. Een gesloopt continent, waarin in het negentiende-eeuwse Berlijn landen zijn getekend, waaruit miljoenen mensen zijn geëxporteerd en nog eens miljoenen mensen tot de dood toe zijn geëxploiteerd, is niet in twee generaties van deze colonial hangover af.
Maar Afrika is niet alleen een gesloopt continent. Het is allerminst hopeloos! Er wonen op dit immense continent enorm veel mensen met geloof, hoop en liefde in hun hart. Mensen met een eigen identiteit en kennis van zaken. Die heel goed weten waar ze staan en waar hun toekomst ligt. Mensen die heel concreet, constructief naar lokale oplossingen zoeken voor de enorme klimaatcrisis die het continent nu al in zijn greep heeft.
gelijkwaardigheid
Een voorbeeld van die constructieve houding. Ik ben in Zimbabwe om te luisteren naar een aantal mensen die werken voor projecten van een ontwikkelingsorganisatie. Om samen vast te stellen hoe de autonomie van lokale partners daar versterkt kan worden, om zodoende tot realistische, werkbare oplossingen te komen. Het zogenaamde ‘shift the power’: gelijkwaardige samenwerking bij ontwikkelingsvraagstukken.
Een vraagstuk dat enerzijds om sterke lokale partners vraagt die leiderschap kunnen nemen. En anderzijds om nieuwe manieren van monitoring van een westerse hulporganisatie. Je delegeert immers (budget)verantwoordelijkheid naar het zogeheten ‘Globale Zuiden’, terwijl je als westerse, investerende organisatie wel medeverantwoordelijkheid wilt nemen voor wat daar lokaal mee gedaan wordt. Dit vraagt om betrokkenheid op elkaar en om op gestructureerde wijze het gesprek te voeren met elkaar.
zelfbewustheid
In Zimbabwe blijkt opnieuw hoe moeilijk het is om van buitenaf gemeenschappen duurzaam van hardware als waterpompen te voorzien, de ‘klassieke’ ontwikkelingsprojecten. Het lijken vaak vooralsnog toch té exotische oplossingen voor rurale leefgemeenschappen om deze goed te managen. Zonder het juiste onderhoud ligt een waterpomp er zo uit. Daar stond echter tegenover dat ik omvergeblazen werd door de kennis, motivatie en het zelfbewustzijn van vrouwengroepen in deze gemeenschappen, die zich gepassioneerd, liefdevol richten op het verbeteren en verduurzamen van eerlijke relaties, lokale ondernemingen en instituties in hun (landbouw)gemeenschappen. Met eigen methoden en technieken, van onderaf. Een zelfbewustheid die ik overal tegenkom en die enorm veel invloed heeft. Laten zij dus vooral zelf de behoefte en de oplossingen definiëren, en wij dit met (technische) kennis en geld faciliteren.
De motivatie en het zelfbewustzijn van groepen vrouwen zijn enorm. Met zijn gigantische hoeveelheid land en jonge populatie zal Afrika juist het continent van de toekomst zijn, waar enorm veel potentie voor het herstel van onze aarde schuilt. Dit bereik je niet met hardware doneren. Maar door te investeren in gemeenschappen en in onderwijs. Zo kunnen mensen hun eigen ontwikkelpad kiezen en van hieruit zelf duurzame ondernemingen starten en de instituties in hun gemeenschappen versterken op een voor hen werkbare manier.
vrij en autonoom
Het grote gevaar bij deze veelbelovende ontwikkelingen is de nieuwe inmenging van landen als Saudi-Arabië, China en Rusland op dit continent. Zonder scrupules wordt door deze landen voor eigen gewin en invloed, over de hoofden van de bevolking heen, zakengedaan met regimes in Afrika. Inspelend op de colonial hangover bij Afrikanen en refererend aan een gezamenlijke, meer autocratische, visie op de maatschappijinrichting dan het Westen. Wie echter voorbij die façade van dergelijke antiwesterse regimes kijkt en het gesprek voert met de gewone bevolking, komt als snel tot de ontdekking dat gewone mensen, van Belarus tot Iran, van Zimbabwe tot Sudan, vrij, autonoom en gelijkwaardig willen zijn, zoals in het Westen.
En natuurlijk heeft het Westen onvergeeflijke fouten begaan en een colonial hangover achtergelaten. Natuurlijk is onze maatschappijinrichting niet universeel. Maar de waarden om als gelijken te kunnen leven in vrijheid en autonomie zijn wel degelijk universeel. Elk regime dat dit ontkent, implodeert uiteindelijk. Zoals mijn Tanzaniaanse collega zei: ‘De mens wil uiteindelijk niet leven in angst, zoals in China, Rusland of Saudi Arabië. Niemand wil uit vrije wil zijn integriteit opofferen voor het welzijn van een kleine regerende kliek.’
Dus laten we met die vrouwengroepen in Afrika geloof blijven houden in onze waarden dat we allemaal vrij, autonoom en gelijkwaardig (willen) zijn. Dat we alleen in liefde met elkaar uiteindelijk iets goeds kunnen bewerkstellingen en zodoende wanhoop en valse regimes buiten spel kunnen zetten. Dat geeft hoop. Ook in deze tijden van crisis.
Geschreven voor het ND